Flexibiliteit zegen of vloek in de toekomst?

1
10 min

Flexibiliteit zegen of vloek in de toekomst?

arbeidsmarkt

Steeds minder werkenden hebben een vast contract. Wat betekent dit voor ons aller toekomst? Het ziet ernaar uit dat steeds meer mensen werken als zzp’ er. Zowel vanuit de werkgever, nu dus opdrachtgever en vanuit de werknemer, nu dus ondernemer, is dit een te begrijpen ontwikkeling. Of toch niet?
De vraag is hoe sociale partners en overheid de gevolgen voor de inkomensontwikkeling op de langere termijn gaan inzien en aanpakken. Uiteindelijk komt de rekening op het bordje van de samenleving.

Sociale partners zijn diep verdeeld en de discussie over de toekomst van de arbeidsmarkt en lopen vast op ongeveer alle onderwerpen. Ik noem hier met name de contracten: vast of flex, (werknemer versus zzp), pensioenvoorziening en arbeidsongeschiktheidsververzekering. Als we kijken naar de FNV, de grootste speler aan de kant van werknemers, zien we dat de verdeeldheid ook binnen de FNV groot is. In januari gaf FNV-voorzitter Han Busker onder de naam Het Offensief de aftrap voor een campagne tegen het kabinetsbeleid. Het is een Offensief tegen de race naar beneden: tegen de concurrentie op arbeidskosten en tegen de afbraak van ‘onze maatschappij’ en vóór zekerheid van werk, meer zekerheid van pensioen en AOW en meer inkomenszekerheid, ook voor mensen zonder baan. Tegelijkertijd moest hij dit doen zonder vice-voorzitter Mariëtte Patijn, beoogd trekker van de campagne, omdat die juist was opgestapt. Zij gaf aan eensgezindheid en daadkracht te missen bij haar vakbond. Met haar verliest de FNV een formidabel onderhandelaar aan de poldertafel. Aan de andere kant zijn de afgelopen tijd ook een paar voorvechters van de tegengestelde strategie om de baricaden op te gaan en als vakbond kracht te winnen via organising, overgestapt naar functies in de SP. Ron Meyer, Lilian Marijnissen en Gijs van Dijk, zijn nu SP-voorzitter, fractievoorzitter van de SP en Tweede Kamerlid voor de SP. Wat dit voor gevolgen heeft voor de daadkracht van de FNV is moeilijk te voorspellen. Feit is in ieder geval dat het polderoverleg afgelopen zomer vastliep omdat werkgevers en werknemers het niet eens konden worden over de arbeidsmarkt en de pensioenen.

Toekomst arbeidsmarkt

Ondertussen lijkt er weinig zicht te zijn op de oplossing van de problematiek waar elke sector mee worstelt. De discussies over de mate van flexibiliteit, de hoogte van het minimumloon, de bijstand of de hoogte van de pensioengerechtigde leeftijd gaan bovendien niet alleen over de vraag hoe werkgevers en werknemers anno 2018 met elkaar omgaan, maar in feite over de vraag hoe de arbeidsmarkt en de arbeidsverhoudingen er over pakweg 10 jaar uitzien. Dat is moeilijk te voorspellen. Mogelijk leidt de vergrijzing en ontgroening van de bevolking tot een omkering van de machtsverhoudingen op de arbeidsmarkt, waarin de aanbieders van arbeid het voor het zeggen krijgen en voor werkgevers nog maar een marginale positie is weggelegd. Of wellicht wordt de formule waarmee Deliveroo en Uber aan de weg timmeren uiteindelijk maatgevend en breidt het aantal flexbanen en zzp’ers nog verder uit dan de in totaal 3 miljoen mensen die nu op deze manier aan het werk zijn. Wie weet neemt het aantal vaste banen, dat sinds 2000 is gedaald van 5,7 miljoen naar 5,2 miljoen, nog verder af.

Individueel perspectief

Cruciaal voor werkenden is wat hun individuele onderhandelingsmacht is. Wordt die substantieel groter dan is een uitbreiding van het aantal flexbanen en zzp’ers niet per se ongunstig voor hun sociale en economische zekerheid. Maar onder de huidige omstandigheden blijkt bijvoorbeeld uit het CBS-rapport Armoede en sociale uitsluiting 2018, dat van alle werkenden in de leeftijd van 15 tot 75 jaar, zzp’ers het grootste risico lopen op armoede. Van hen maakte 9,4% in 2016 deel uit van een huishouden met een inkomen onder de lage-inkomensgrens. Bij werknemers was dat 1,7%. Deze cijfers staan in schril contrast met de jubelverhalen van succesvolle zzp’ers.

Collectief probleem

Collectief gezien gaat het om de vraag of wij in staat zijn ons sociale vangnet overeind te houden. Nu zijn werknemers op grond van wettelijke regelingen of via hun cao of werkgever verzekerd tegen de risico’s die zij lopen op werkloosheid en arbeidsongeschiktheid. Zij zijn door hun verplichte aansluiting bij een pensioenfonds, in aanvulling op de AOW, verzekerd van een inkomen wanneer zij door hun leeftijd niet meer in staat zijn deel te nemen aan de arbeidsmarkt. Wanneer het aantal werknemers in het huidige tempo blijft afnemen, is het maar de vraag of de grondslag van ons sociale zekerheidsstelsel overeind blijft.

Feiten en ontwikkelingen

De ZEA is een structurele gegevensverzameling onder zelfstandig ondernemers om een beter beeld te krijgen van ontwikkelingen in arbeid van de totale werkzame bevolking. Het is een aanvulling op de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA), die gericht is op de kwaliteit van de arbeid van werknemers, en op de Werkgevers Enquête Arbeid (WEA), die gericht is op ontwikkelingen op het gebied van arbeid binnen organisaties.

Sociaal stelsel failliet

Als solidariteit aan het sociale zekerheidsstelsel ontvalt, betekent dat het failliet van het sociale zekerheidsstelsel. In dat opzicht zou het Offensief van de FNV moeten leiden tot een moment van bezinning bij alle betrokkenen, zowel aan de kant van werkgevers en werknemers als aan de kant van de overheid. Het moet ertoe leiden dat zij zich daadwerkelijk rekenschap geven van de risico’s en bedreigingen die de huidige ontwikkelingen voor de inrichting van onze samenleving kunnen hebben.

Voordelen worden nadelen

Natuurlijk is er niets op tegen wanneer mensen er bewust voor kiezen om hun inkomen te verwerven als zzp’er. Velen van hen kunnen op die manier meer ‘eigen baas’ zijn, een betere balans bereiken in zorg en werk, een hoger inkomen vergaren of hun ambities beter realiseren, omdat ze alleen nog maar werk doen dat hen aanspreekt. Dat ze daardoor soms even zonder werk, en dus zonder inkomen zitten, of dat ze geen inkomen hebben wanneer ze door arbeidsongeschiktheid niet kunnen werken, zijn risico’s die horen bij het zzp-schap. Daar hebben ze over nagedacht en die risico’s hebben ze afgedekt. Of ze zijn in staat de financiële consequenties van die risico’s op een andere wijze te dragen.

Opgedrongen

Wanneer het zzp-schap opgedrongen wordt, omdat ze na ontslagen te zijn voor dezelfde werkgever – nu opdrachtgever – als zzp’er dezelfde werkzaamheden gaan uitvoeren, maar dan in een situatie waarbij alle risico’s eenzijdig op hen worden afgewenteld, ontstaat een situatie die je moeilijk kunt toejuichen.

Langere termijn

Op lange termijn is het maar de vraag welke voordelen het oplevert om zoveel mogelijk werk of opdrachten in ‘gigs’ onder te brengen, zowel voor de werkgever die in eerste instantie goedkoper uit denkt te zijn, als voor de zzp’er, die blij is aan het werk te zijn. Natuurlijk, een werkgever die even zonder vraag zit omdat de markt in mineur is, is blij met een grote flexibele schil zodat hij op die manier de kosten beter kan beheersen en daardoor betere overlevingskansen heeft. En dat werkenden met flexcontracten geen pensioen opbouwen of verzekerd zijn in het kader van de werknemersverzekeringen, is niet zijn probleem. Voor de werknemer is een zzp-schap soms beter dan zonder werk thuis te zitten. Wat de consequenties op termijn zijn voor zijn sociale zekerheidsrechten, daar denkt hij liever niet aan. Individuele keuzen die begrijpelijk zijn maar die de risico’s verleggen naar de samenleving.

De keuze van de zzp’er

De Zelfstandigen Enquête Arbeid (ZEA) 2017 nuanceert het beeld van de positie van de zzp’er. Uit de ZEA 2017 blijkt bijvoorbeeld dat 90% van de zzp’ers als zelfstandig ondernemer zegt te willen werken als-ie vrij kon kiezen. Anderzijds blijkt ook dat maar liefst de helft van de zzp’ers het afgelopen jaar daadwerkelijk acties heeft ondernomen om een nieuwe baan als werknemer te krijgen. De vraag is hoe beide conclusies zich tot elkaar verhouden. Wellicht heeft het toch te maken met de sociale onzekerheid van zelfstandigen.
70% van de zzp’ers zegt niet verzekerd te zijn tegen arbeidsongeschiktheid. Bijna driekwart noemt daarbij de hoge kosten als belemmering voor een verzekering. Tegelijkertijd geeft een kwart van de zzp’ers aan geen pensioenvoorziening getroffen te hebben. Voor de helft van hen zijn de kosten daarvan de reden. Mogelijk is de (verplichte!) verzekering voor ouderdom en arbeidsongeschiktheid toch een reden het vrije ondernemerschap in te ruilen voor het werknemerschap en de (sociale) zekerheden die daaraan verbonden zijn.

Politiek aan zet

Ondertussen is de politiek aan zet om een antwoord te geven op de, volgens velen, doorgeschoten flexibiliteit. Flexibiliteit die onder meer het gevolg is van het Nederlandse rigide ontslagrecht dat werknemers veel bescherming biedt in combinatie met de gunstige fiscale voorwaarden (zelfstandigenaftrek!) voor zzp’ers. Maar niet alleen omtrent de mate waarin flexibiliteit een gunstige bijdrage levert aan het functioneren van de arbeidsmarkt moet de politiek een knoop doorhakken, datzelfde geldt voor het pensioendossier. En daarbij dient dan ook de vraag te worden beantwoord in hoeverre zzp’ers verplicht kunnen worden zich aan te sluiten bij een pensioenverzekering of een arbeidsongeschiktheidsverzekering. Weliswaar heeft het kabinet sociale partners nog even de gelegenheid gegeven er samen uit te komen wat betreft het pensioendossier, maar de kans dat dit gebeurt kan alleen maar worden overschat.

Crisis op komst

En dat terwijl de belangen, zowel voor individuen als voor de samenleving als geheel, enorm zijn. Stel je immers eens voor dat de flexibiliteit doorzet in hetzelfde tempo als dit de afgelopen jaren plaatsvond. Betrek daarbij het feit dat grote aantallen zzp’ers zich niet hebben verzekerd tegen het risico op inkomstenderving als gevolg van arbeidsongeschiktheid en ouderdom (pensioen), en realiseer je wat dit doet voor de koopkracht van een steeds groter deel van de samenleving. De vraaguitval die daardoor ontstaat is van een grotere orde dan het verlies aan koopkracht waartegen de FNV via ‘Het Offensief’ momenteel te hoop loopt. Wat daarvan het effect is voor de positie van werkgevers en hun werknemers laat zich raden. Op termijn kan dit Nederland in een grotere crisis storten dan de banken- en financiële crisis waar Nederland net uit is.

Verantwoordelijkheid nemen

Het is te hopen dat zowel de politiek als de sociale partners tegen deze achtergrond afspraken kunnen maken over de wijze waarop de arbeidsverhoudingen in de toekomst geregeld worden. Afspraken die recht doen aan de belangen van werkgevers, werknemers en zzp’ers, maar ook aan de samenleving als geheel. Zulke afspraken dienen voldoende evenwichtig te zijn. Enerzijds moet rekening gehouden worden met de belangen van partijen die geen verplichte risicoafdekking opgelegd willen krijgen omdat ze in staat zijn die risico’s zelf te dragen en dat ook kunnen aantonen, en anderzijds moet rekening gehouden worden met partijen die evenmin een verplichte risicoafdekking opgelegd willen krijgen, maar die risico’s helaas niet zelf kunnen dragen.
Het is de verantwoordelijkheid van de maatschappij dergelijke partijen tegen zichzelf te beschermen. Zowel in het belang van die partijen zelf als in het belang van de maatschappij. In een tijd waarin eigenbelang en het eigen gelijk het hoogste goed lijken te zijn, is het te hopen dat de politiek en sociale partners de verantwoordelijkheid nemen die op hen rust.

In dit artikel:

Over ons

Giel Schikhof is sinds 1989 als verenigingsprofessional werkzaam. Hij geeft sturing en ondersteuning aan zeer diverse CAO-, strategie- en visietrajecten. Deze variëren van industriële branches tot aan de paritaire ondersteuning voor sectoren in zorg, welzijn en overheid. Paritair management en daarmee het functioneren ten behoeve van werkgevers én werknemers vormt in zijn benadering een essentieel uitgangspunt. Zijn inhoudelijke kennis is van belang, maar evenzeer zijn integriteit en betrouwbaarheid waarmee hij invulling geeft aan de ondersteuning. Recente adviestrajecten omvatten onder meer een aantal ontwikkeltrajecten bij verenigingen en stichtingen, zoals op het terrein van missie en visie van O&O-fondsen, strategische (arbeids)marktverkenningen, procesmanagement bij een fusie-organisatie en benchmarking van arbeidsvoorwaarden en juridische dienstverlening....

Blijf op de hoogte van de laatste info

Nieuwsbrief

Ontvang onze whitepapers en artikelen in je postvak!